Anita over de hobbelige weg van herstel na een burn-out

“Waardeer de dagen waarop je je goed voelt”

In mei 2017 had Anita door dat ze opgebrand was. Het besef kwam er pas nadat ze een jaar lang op haar tandvlees had gezeten. Ze trok aan de alarmbel en zocht hulp. Ondertussen is ze weer aan het werk, maar pakt ze de zaken anders aan: “Ik werk nu veel meer volgens mijn mogelijkheden.”

Je hebt een jaar lang gestreden alvorens aan te geven dat je niet meer meekon. Hoe raakte je uiteindelijk opgebrand?

“Mijn moeder is gestorven in 2016, een zware klap voor mij. Ik ben toen een week thuis geweest om te bekomen. Dat was niet van mijn gewoonte. Op dat moment zaten we op het werk middenin een grote transitiefase. Tijdens mijn afwezigheid is er heel veel gebeurd en toen ik terugkwam, kwam ik terecht in een totaal nieuw agentschap. En ik was – samen met drie anderen – nota bene de trekker van die transitie.”

“De overgang verliep zeer moeizaam en de sfeer werd almaar grimmiger, in die mate dat mijn medetrekkers een voor een zijn uitgevallen met een burn-out. Ik stond er dus alleen voor. Ik moest een team leiden waarvan 1/3 meewerkte met tegenzin en 2/3 ronduit gedemotiveerd was. Dat heb ik uiteindelijk nog een jaar volgehouden.”

Wat deed je beseffen dat er echt iets aan de hand was?

“Mijn lichaam gaf allerlei signalen die ik op termijn niet meer kon negeren. Ik kon me niet meer concentreren, ik sliep slecht, ik kreeg informatie amper verwerkt, had constant keelpijn, enzovoort. Ik voelde me niet meer betrokken bij wat er gebeurde, echt absurd. Daarbovenop kreeg ik paniekerige gedachten als ‘zal ik straks wel thuis raken?’ Ik voelde dus wel iets aankomen. Maar daar heb ik slecht op gereageerd. Uit schrik om uit te vallen, ben ik nog harder beginnen werken. En zo val je uiteindelijk in panne.”

Heb je hulp gezocht nadat je blokkeerde?

“Ik ben eerst naar mijn huisarts gegaan. Die schreef me meteen een paar weken rust voor en raadde me aan om naar een therapeut te gaan. Dat advies heb ik ter harte genomen. Van de therapeut kreeg ik ontspanningsoefeningen, wat hoognodig was. Zij wist me uiteindelijk een beetje gerust te stellen: de dingen die ik voelde, hoorde nu eenmaal bij een burn-out. Toen ik een beetje meer energie kreeg, ben ik veel beginnen wandelen in het bos. Ik telde mijn stappen en mat mijn slaap. Op die manier kon ik nagaan of ik slecht geslapen had of dat ik mezelf gewoon dat gevoel aanpraatte. Zo probeerde ik weer grip te krijgen op mijn dagelijkse leven.”

En lukte dat?

“Wel, in de zomer van 2017 heb ik even een terugval gehad. Ik had het gevoel dat ik geen vooruitgang boekte en werd bang en lusteloos. Ik heb toen hartcoherentie-oefeningen gevolgd, dat heeft mij door de moeilijkste periode geholpen. Nadien heb ik nog een opleiding ‘burn-outcoach’ gevolgd. Op die manier kreeg ik inzicht in wat er met mijn lichaam gebeurde en kon ik de ernst van de situatie inschatten.”

Hielp dat inzicht je vooruit?

“Zeker. Vroeger dacht ik dat het allemaal tussen mijn oren zat. Bevestigd zien dat burn-out zowel psychische als fysieke gevolgen heeft, was erg belangrijk voor mij. Want het is wel degelijk ook iets lichamelijks: je lichaam is volledig ondermijnd. Dat komt omdat je mentaal je ‘uitknop’ niet meer weet staan. Ik vind dat artsen en andere personen die met burn-outs geconfronteerd worden, zich meer zouden moeten verdiepen in wat een burn-out juist is.”

Hoe stel je het dezer dagen?

“Het is nog steeds een proces van ups en downs. Ik probeer mijn normaal ritme terug te vinden, maar de weg daarnaartoe is niet lineair. Wat ik nog altijd heel moeilijk vind, is de reis naar het werk. Ik heb echt moeten zoeken naar de minst vermoeiende manier om te reizen. Ik ga nu weer met de wagen en ik vertrek heel vroeg, omdat ik dan het minste tijd en energie verlies. Verder probeer ik mijn werkdagen te spreiden. Ik werk deeltijds en merk dat twee dagen achter elkaar werken al veel is. Ik ga twee dagen per week – maar dus niet achter elkaar – naar Brussel en werk een dag van thuis. Ik probeer meer te werken volgens mijn mogelijkheden. Ik ben overigens ergens anders aan de slag dan waar ik werkte voor mijn burn-out. Naar die context wilde ik niet terug.”

Houdt je nieuwe werkomgeving rekening met jouw achtergrond?

“Ik praat veel over hoe ik mij voel. Mijn collega’s houden inderdaad rekening met mij. Ik krijg de tijd om de zaken te doen die ik kan. Ze verwachten niet van mij wat ze van een ‘gezonde’ voltijdse kracht verwachten. Het zou een illusie zijn om te denken dat ik meteen weer in een normaal arbeidsritme kan stappen, en dat beseffen zij ook.”

Heb je tot slot nog tips voor mensen die in hetzelfde schuitje zitten?

“Als je voelt dat er iets mis is, roep dan zo snel mogelijk deskundige hulp in. Iemand die je kan begeleiden naar een traject om weer op de rails te geraken. Hoe sneller je de juiste ondersteuning krijgt, hoe sneller je er volgens mij weer bovenop raakt. Voor mij persoonlijk zijn beweging en zonlicht erg belangrijk, echt in de buitenlucht kunnen vertoeven. Besef dat een burn-out overwinnen met vallen en opstaan verloopt. Luister naar je lichaam en neem op tijd gas terug. Je zal af en toe nog wel nood hebben aan extra rust. Tot slot: probeer dagen waarop je je goed voelt echt te waarderen en te beleven.”

*Anita is een fictieve naam.